페이지 이미지
PDF
ePub
[merged small][merged small][merged small][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors]
[merged small][merged small][merged small][merged small][merged small][merged small][ocr errors][ocr errors][ocr errors][merged small][ocr errors]

680

[ocr errors]
[ocr errors]
[ocr errors]

de soort van schepen. Driemastschepen en Barken.

44.313 15 25.613| 41| 69.926 Brikken.

8.849 | 10 6.558 22 15.407 Schoonerbrikken en Schooners.

8.590

5.973 25 14.563 Kleine vaartuigen.

6 403 12 1.083+) Stoomschepen. 83 133.071 83 132.983 | 166 266.054 8)

Totaal. .. 139 195.503 | 127 171.530 266 367.033

de natie. Nederlandsche.

85.673 64.221 110 149.894 Engelsche.

78.609 48 75.848 95 154.457 Noordsche.

13.615

11.316

29 24.931 Zweedsche.

1.499 2.156 - 3.655 Deensche.

239
399

638 Noordduitsche.

9.508

15.246 Russische.

1.349 1.349 Fransche.

571

571 Grieksche.

2.503 I 2.502 2 5.005 Italiaansche.

1.0041 1.004 Oostenrijksche.

2.717

5.576 Spaansche. 1.1401 1

1.990 Totaal. . . |139 195.503 127 171.530 266 367.033 den diepgang. Van 0 tot 30 d. M. 18 7.984| 15 7.929| 33 15.913 ~ 31 , 40 » 89 119.123| 48 41.453 137 160.576 » 41 50 || 22 42.782 35 42.335.) 57 | 85.117 » 51 60

7! 14.789| 22 55.320 | 29 70.109 I d. M. en hooger.

3 10.825 7| 24.493 | 10 35.318 Totaal. . . 139 195.503 127 171.530 2661367.033 De hoogste waterstand was 84 d. M.

laagste » » 59 1 » grootste diepgang · 68 · , kleinste

10 , †) Waaronder 5 inspectievaartuigen en i pleizierjacht. $) Waaronder 1 oorlogsschip.

2

Over den Stuurman, zijn onderwijs in de

Zeevaartkunde en Examen.

Wanneer wij een 'blik slaan op het vroegere tijdperk onzer geschiedenis met betrekking tot de zeevaartkunde als wetenschap en die vergelijken met onze kennis in dezen tijd, dan bewonderen wij onze voorvaderen, die met hunne, naar onze tegenwoordige opvatting, gebrekkige kennis en

ren, landen ontdekten en in kaart brachten en waarnemingen deden, waarvan wij de nauwkeurigheid nog heden ten dage met verbazing aanstaren, wanneer wij onze tegenwoordige aan volkomenheid grenzende werktuigen vergelijken met hun graadstok en kompas.

En toch, zij hebben ons den weg gewezen naar Oost en West, naar Noord en Zuid, terwijl de tocht van Heemskerk en Barendsz naar het kille Noorden niet het minst voor de waarheid dezer stelling spreekt.

Ondernemend in den handel en onverschrokken op den Oceaan, werden door hen eenerzijds de middelen niet ontzien en anderzijds de gevaren getrotseerd om den nabuur de loef af te steken. Nederland werd de grootste zeevarende natie, boezemde ontzag in aan nabuur en vreemdeling en was de wegwijzer in kennis en ervaring. Het bleef dit lang, in weerwil van naijver en concurrentie, en is het nog op het gebied der zeevaartkundige wetenschap tegenover andere natiën.

De lust tot het doen van waarnemingen en onderzoekingen op het gebied van den Oceaan schijnt den Nederlandschen zeeman nog aangeboren, is hem meer eigen dan den vreemdeling; de ondervinding der laatste twintig jaren

De Zee 1879.

[ocr errors]

heeft die waarheid bevestigd; getuige de internationale belooningen, uitgegaan van de Académie des Sciences de France, waarmede de Nederlandsche gezagvoerders voor ruim drievierde bekroond werden.

Men zou dus, oppervlakkig beschouwd, den Nederlandschen zeeman over het algemeen aanmerken als den persoon die in theoretische en practische kennis zoodanig onderricht heeft genoten, dat dit de voorkeur verdiende boven elk ander. In geenen deele. De-moeielijkheid waarmede hij te kampen heeft om het zeevaartkundig onderwijs geregeld en klassikaal te kunnen ontvangen, is oorzaak dat velen met.' moeite en niet dan na lange tusschentijden hunne diploma's kunnen behalen.

Wij spreken hier alleen van hen, die op zoogenaamde collegies of zeevaartkundige scholen zich moeten bekwamen en afgescheiden van de met roem bekende Kweekschool voor de Zeevaart, die, in 1784 opgericht, in het bijna honderdjarig tijdperk van haar bestaan, zoovele uitstekende mannen heeft voortgebracht. Het groote deel echter van hen, die niet op de K. v. d. Z. kunnen geplaatst worden, is alzoo genoodzaakt door eigen middelen, waarvan velen het nog moeten verdienen, in hunne toekomst te voorzien. Zij zijn genoodzaakt eerst als jongen en lichtmatroos te varen, om door zuinigheid zooveel over te winnen, dat zij hunne studien in de zeevaartkunde kunnen aanvangen. Reeds terstond. ontdekt men bij velen, dat, door te lange afwezigheid van de lagere school, een groot deel van dat onderwijs, hoofdzakelijk „het rekenen”, is vergeten, althans zoo gebrekkig geworden, dat die in te halen schade veel hunner overgespaarde penningen verslindt. Zoo tobben zij vaak jaren achtereen, met groote tusschentijden, om opnieuw te verdienen alvorens zij het diploma als eersten stuurman kunnen behalen, terwijl bij de meesten de kennis van eene of meer vreemde talen ontbreekt.

Vroeger, vóór 1856, toen nog maar zeldzaam eenig examen gevorderd werd, maakten de meesten zich op eenig stuurmans-collegie meester van zooveel hun benoodigde zeevaartkunde, dat zij verder langzamerhand zich voortwerkten en endelijk tot gezagvoerder opklommen. Bestendig aan boord

zuinicheid ceasels ponenten

in den drukken tijd, werden zij flinke, practische zeelieden, al konden de meesten het bewijs hunner handeling niet leveren, en toch waren onder hen degelijke mannen te vinden, grijs in practische kennis, bezield met den meesten ijver, zeelieden in hun hart.

Die tijden zijn voorbij. De wetenschap is vooruitgegaan en terecht vraagt men tegenwoordig het waarom van elke handeling. Geen stuurman van eenige beteekenis meer, die theorie en practijk niet aan elkander weet te verbinden en als een edel echtpaar doet samengaan. Geen machtspreuk meer van voorvaderlijke ondervindingswijsheid, maar van alles de reden waarom, het bewijs. — Geen stuurman meer, die niet in minstens ééne vreemde taal zich verstaanbaar weet uit te drukken en die als aanstaand gezagvoerder niet zijn reeder in den vreemde behoorlijk kan vertegenwoordigen en de belangen van het hem toevertrouwd schip han behartigen en bepleiten.

Immers den reeder voor wien hij vaart moet hij winsten trachten te bezorgen, en in geval van avarijen, niet alleen de belangen van den reeder, maar ook die van den koopman en assuradeur weten te handhaven.

Dat moet worden de toekomst van den stuurman.

Daartoe inoet hij worden opgeleid en die opleiding kan niet anders worden verkregen dan door zijn onderwijs 200danig in te richten, dat hij geregeld en goedkoop onderwijs

geniet.

Het onderwijs, zooals het tot heden is gegeven, is moeielijk, lastig en vervelend voor den leeraar, die 't niet anders kan geven, wijl hij ze beurtelings moet onderrichten en helpen, terwijl het voor den leerling moeielijk en langdurig wordt, omdat hij 't niet anders dan broksgewijs kan genieten. Zoo daarin geene verandering wordt gebracht zullen onze naburen ons spoedig voorbijstreven.

Vijf en twintig jaar geleden (in 1854) was de handel te Rotterdam er reeds op bedacht om van den stuurman een examen te vorderen en werd door de Kamer van Koophandel aan den Gemeenteraad aldaar voorgesteld, eene inrichting tot het examineeren van varenslieden in het leven te roepen.

« 이전계속 »